Studenten staan in de rij voor schrijfster over prostitutie

Puntuit   12 jan. 2017 | tekst van een medewerker, beeld ANP
ANP-24154826

Niet alleen gedwongen prostituees, maar ook sekswerkers die niet gedwongen zijn tot prostitutie krijgen vaak met geweld te maken, stelt feministe Renate van der Zee op een debatavond die werd georganiseerd door de christelijke studentenvereniging NSA. Ook CU-fractievoorzitter Gert-Jan Segers was aanwezig.

De schrijfster van diverse boeken over seks en prostitutie was woensdagavond te gast tijdens een debatavond in de Zuiderkerk te Amsterdam. De bijeenkomst was georganiseerd door Exxpose, een beweging van jonge mensen die de realiteit van prostitutie aan het licht wil brengen, Stichting Tot Heil des Volks en de christelijke studentenvereniging NSA.
Van der Zee ging over het onderwerp prostitutie in debat met Corinne Dettmeijer, nationaal rapporteur mensenhandel, en ChristenUnie-Kamerlid Segers. De studenten stonden in de rij om vragen te stellen.

Dettmeijer vindt het belangrijk dat er goede regels komen voor prostitutie. Ze is positief over de Wet regulering prostitutie en bestrijding misstanden seksbranche, die nog door de Eerste Kamer moet. „Ik ben trots op een land dat durft te zeggen dat we het anders moeten doen. Op dit moment is er nog steeds sprake van te veel mensenhandel. De mensen die in de branche werken moeten voldoende veiligheid hebben op het punt van hygiëne en geweld.”

Van der Zee gaat al snel in de aanval. Ze vindt dat er in Nederland te gemakkelijk gedacht wordt over wat er in de prostitutie gebeurt. Daarmee bedoelt ze niet alleen de mensenhandel. De drie debaters zijn het erover eens dat mensenhandel in de prostitutiesector voorkomt, en ook dat het fenomeen bestreden moet worden. Van der Zee: „Het idee dat prostitutie veilig wordt, is onjuist. Er is sprake van veel geweld. Ook sekswerkers die er niet gedwongen zitten, krijgen daarmee te maken.” Ze haalt daarbij onderzoek voor haar boeken aan. Veel vrouwen doen het werk volgens haar minder vrijwillig dan ze zelf aangeven. Ze is niet voor een verbod op prostitutie, maar wel voorstander van het strafbaar stellen van het kopen van seksuele diensten.

CU-leider Segers diende vorig jaar een initiatiefwet in die het mogelijk maakt klanten van prostituees te straffen als ze konden weten dat er sprake is van dwang. Hij noemt het moment dat hij een Ghanese vrouw die in de seksindustrie werkte, in de ogen keek als het beginpunt van zijn kruistocht tegen het „hemeltergend onrecht” dat er gaande is. Hem staat geen zedenpolitie of een overheid die de seksuele moraal handhaaft voor ogen, maar wel een regering die paal en perk stelt aan uitbuiting en misstanden. „Ik zal niet rusten voordat die zijn ingeperkt,” stelt hij.

Er is geen sector in Nederland waarin zo veel schade aan mensen wordt toegebracht, aldus Segers. „Er mogen dan vrouwen zijn die in vrijheid voor dit beroep kiezen, maar er zijn minstens evenveel vrouwen in die branche werkzaam die te maken hebben met de rafelranden van de samenleving.” Het Kamerlid noemt het wetsvoorstel een eerste stap. Daarna wil hij komen tot een pooierverbod en wil hij de gedwongen prostitutie terugdringen. „Het is een lange mars met kleine stappen.”

Aan het einde van de avond blijken de drie debaters het erover eens te zijn dat het belangrijk is om met bewogenheid en respect te kijken naar de mensen die als prostituee werken, ongeacht of men het eens is met hun werk.

Terug naar nieuwsoverzicht binnenland