Jonge allochtoon wil vaker bidden en religieuze samenkomst bijwonen

Puntuit   10 jul. 2019 | tekst Johannes Visscher, beeld ANP
ANP-20122813_web

Vaker bidden, meer religieuze bijeenkomsten bezoeken. Nogal wat allochtone jongeren willen in de toekomst meer werk maken van hun geloof, blijkt uit een dinsdag gepresenteerd rapport van het Kennisplatform Integratie & Samenleving.

In havo 3 viel het kwartje. Het allochtone meisje, dat vanuit huis „amper religie” had meegekregen, kreeg vriendinnen met een hoofddoek. Die naar de moskee gingen. „Toen merkte ik dat er ergens een gat zat en ik niet zo goed ontwikkeld was als zij. Daarna ging ik zelf op zoek en boeken lenen over de islam. Ik heb veel kunnen vragen aan mijn vriendinnen.”

Bewust

Het verhaal van het meisje staat in het dinsdag verschenen rapport over de identiteitsbeleving van allochtone jongeren. Voor het onderzoek van Kennisplatform Integratie & Samenleving zijn gesprekken gevoerd met 52 in Nederland geboren migrantenjongeren tussen 16 en 24 jaar.

De ervaringen van het islamitische meisje staan niet op zichzelf. Veel migrantenjongeren die naar eigen idee thuis weinig leerden over religie, zijn „inmiddels bewust bezig” met godsdienst, noteren de onderzoekers. Hun zoektocht gaat over de vraag hoe ze in het seculiere Nederland invulling kunnen geven aan het geloof.

„Het viel ons op dat bijvoorbeeld islamitische jongeren veel willen weten over regels die ze van huis uit meekregen. Wat zit er achter de hoofddoek? Waarom moet ik bidden?” licht Mariam Badou, een van de opstellers van het rapport, dinsdag desgevraagd toe. „De jongeren beschouwen hun religie als een belangrijk element van hun identiteit. Typerend is dat ze de handen uit de mouwen steken om bijvoorbeeld ruimte te krijgen voor hun religie op hun werk of school. Denk aan het oprichten van islamitische studentenverenigingen of het instellen van een gebedsruimte op de universiteit. Ze maken bewust gebruik van de rechten die de samenleving hun biedt.”

Opvallend is dat Turkse jongeren veel meer binding hebben met hun moederland dan hun Marokkaanse leeftijdsgenoten, signaleren de onderzoekers. Zo volgen Turkse jongeren veel vaker het nieuws in Turkije dan dat Marokkaanse jongeren de ontwikkelingen in Marokko bijhouden. Hoe verklaart Badou dat? „Turkse ouders geven hun kinderen in Nederland bewust bijvoorbeeld de geschiedenis van Turkije mee. In Marokkaanse kring gebeurt dat minder. Een van de geïnterviewde jongeren zei: „Ik ga op vakantie naar Marokko, maar heb verder niet zo veel met dat land.” Er is wel een uitzondering. Marokkaanse jongeren in Nederland volgden op de voet de protesten van de arbeiders uit het Rif-gebergte tegen de Marokkaanse overheid.”

Kameleongedrag

Migrantenjongeren vertonen vaak „kameleongedrag”, stellen de onderzoekers. Ze passen hun gedrag aan aan de situatie. Thuis slaan ze een wat andere toon aan dan bijvoorbeeld op het werk. Hoewel allochtone jongeren doorgaans prima zeggen te aarden in het goed georganiseerde Nederland, ervaren ze vaak ook vervreemding. Bijvoorbeeld als PVV-leider Wilders uithaalt naar Marokkanen. Of als een moslima moeite heeft met het discotheekbezoek van een Nederlandse vriendin.

Terug naar nieuwsoverzicht geloof