Ook jongeren doen vrijwilligerswerk

Puntuit   09 dec. 2019 | tekst Johannes Visscher, beeld RD
Schermafbeelding 2019-12-09 om 09

Kozijnen verven, de tuin opknappen, jeugdige voetballers vervoeren. In Nederland zijn miljoenen vrijwilligers actief. Hoe krijg je komende generaties zo ver dat ze belangeloos mensen helpen? „Iedereen is bereid om wat voor een ander te doen”, klinkt het op Nationale Vrijwilligersdag.

Korte metten maakt prof. dr. Lucas Meijs met verhalen over egoïstische Nederlanders die nauwelijks bereid zijn vrijwilligerswerk te doen. „Talloze mensen helpen anderen. Ongeveer de helft van de Nederlanders doet vrijwilligerswerk. De laatste jaren stijgt dat percentage zelfs licht”, zegt de hoogleraar vrijwilligerswerk aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek uit 2018 blijkt dat ruim de helft van de jongeren van 15 tot 25 jaar wel eens vrijwilligerswerk doet.

Onmiskenbaar worden Nederlanders individualistischer, zet Meijs uiteen. Toch betekent dat niet dat ze een ander links laten liggen. Zelfbewustheid kan er juist toe leiden dat mensen zich verantwoordelijk voelen om een actie op touw te zetten. Voor het milieu, iemand in nood of een beroepsgroep. „Het Malieveld stond onlangs vol met klimaatdemonstranten. Dat zijn ook vrijwilligers.”

Problemen

Toch wil Meijs niet verhelen dat er problemen zijn aan het vrijwilligersfront. Zo kan de zorgsector veel extra vrijwilligers gebruiken. „Er zitten veel eenzame mensen thuis die graag bezoek ontvangen.” Tegelijk benadrukt hij dat in die sector talloze vrijwilligers hun beste beentje voorzetten. „Bij bijvoorbeeld De Zonnebloem zijn maar liefst 30.000 vrijwilligers actief. Zij gaan langs bij mensen met een lichamelijke beperking.”

Ander pijnpunt is dat allerlei clubs steeds moeilijker bestuursleden kunnen strikken. „Ouderwetse verplichtingen” van maandelijkse vergaderingen schrikken kandidaten af. „Vaders brengen liever af en toe het voetbalteam van hun zoontje naar een wedstrijd.”

Ook bijvoorbeeld brandweerkorpsen of reddingsbrigades komen minder vlot aan vrijwilligers dan voorheen, denkt hij. Dat heeft voor een belangrijk deel te maken met andere arbeidspatronen. „Anders dan vroeger werken mensen vaker buiten hun woonplaats. Dus de brandweer heeft een grotere groep mensen nodig die snel beschikbaar is.”

Door sociale media kan kortdurend vrijwilligerswerk zich als een olievlek verspreiden. „Toen voormalig olympisch kampioen Maarten van der Weijden zijn eerste poging deed om de Elfstedentocht te zwemmen, werden spontaan allerlei vrijwilligers actief. Boeren verlichtten de zwemmer met tractorlampen.”

Geef vrijwiligerswerk een positief imago, zo kun je legio jongeren aan je zijde krijgen. Dat is de overtuiging van Pieter Cnossen, directeur van de christelijke Stichting Present. Die verzorgt jaarlijks met zo’n 43.000 vrijwilligers 8000 projecten waarbij hulpbehoevenden een steuntje in de rug krijgen. „Ik weet zeker dat iedereen iets wil doen voor een ander.” Laat mensen zelf aangeven hoe ze hun steentje willen bijdragen, benadrukt Cnossen.

Groepen vrijwilligers, zoals een stel collega’s, zijn enthousiast als ze bijvoorbeeld de tuin van een psychisch zieke opknappen, merkt hij. „Vrijwilligers worden zelf ook blij van hun werk. Ze ruimen niet alleen de tuin op, maar maken ook ruimte in het hoofd van de zieke.”

Het mooiste is als tijdens vrijwilligersklussen contacten ontstaan, zegt Cnossen. „In het begin van de Bijbel staat dat het niet goed is dat de mens alleen is. Ik geloof dat hulpbetoon hét middel is tegen depressie, stress en eenzaamheid.”

Tal van vrijwilligers worden deze Nationale Vrijwilligersdag in het zonnetje gezet. Vrijdagavond kregen tientallen vrijwilligers, onder wie diverse jubilarissen, in het reformatorische woonzorgcentrum Elim in Barneveld al een blijk van waardering. Eline de Frel, coördinator van de ongeveer 230 vrijwilligers, is blij dat mensen dag in dag uit om niet de helpende hand bieden. Onder ‘haar’ vrijwilligers zit een tiental tieners, onder wie een jongen die orgel speelt in het woonzorgcentrum. De oudste vrijwiliger is 92 jaar. „Die begint en eindigt bij maaltijden.” De jongste is 14. „Zij kwam hier via haar oma en helpt bij bereiding van eten.”

2019-12-07-BIN-bijdegoffau-2-FC-web.jpg?

„Mensen hart onder de riem steken”

Al meer dan tien jaar is Gerdine de Goffau (26) elke zaterdagochtend te vinden achter de receptie van het reformatorische woonzorgcentrum Elim in Barneveld. Als vrijwilligster neemt ze telefoontjes aan en staat ze bezoekers en bewoners te woord.

„Ik wil wat betekenen voor anderen”, verklaart de Barneveldse vrouw, in het dagelijks leven werkzaam bij twee zorginstellingen, haar inzet voor medemensen. „Eenzame ouderen kan ik een hart onder de riem steken.”

Gerdine, die zelf vanwege spina bifida (ook open ruggetje genoemd) in een rolstoel zit, merkt dat de contacten in het woonzorgcentrum haar leven verrijken.

„Omdat ik al wat langer vrijwilliger ben, leer ik mensen beter kennen. Dan vertellen ze ook meer over zichzelf. Het is mooi te zien hoe mensen ondanks hun beperkingen toch positief in het leven staan. Bewoners die bijvoorbeeld slecht ter been zijn, ontplooien allerlei activiteiten.”

Met sommigen heeft ze een speciale band. „In Elim zit een nog best jonge vrouw, ze is rond de 50. Ik ken haar van vroeger. Door een hersenbloeding kan ze niet meer lopen en praten. Toch kunnen we prima met elkaar communiceren. Ze stelt bijvoorbeeld vragen via haar notitieblokje.”

2019-12-07-BIN-bijrots-2-FC-web.jpg?$p=e

„Vieze keuken vol bierblikjes”

Vrijwilligerswerk verbreedde de blik van Jochem Rots (20) uit Enschede. Voor Stichting Present regelde hij afgelopen jaar allerlei klussen voor mensen die anderen willen helpen. Zo kreeg hij allerlei foto’s onder ogen van schrijnende situaties thuis bij hulpbehoevenden. „Ik heb geleerd dat de buitenkant heel mooi kan zijn, maar dat achter de voordeur zich van alles kan afspelen. Bij wijze van spreken bij je buurman. Ik zag bijvoorbeeld een foto van iemands vieze keuken vol bierblikjes.”

Jochem, die een pabo-opleiding volgt, regelde niet alleen vrijwilligersklussen, maar stak zelf ook de handen uit de mouwen. Samen met anderen stelde hij orde op zaken in een tuin bij een opvanghuis voor mensen met problemen. „We hebben onder meer een fietsenhok dat vol lag met rottende bladeren opgeruimd.”

Verheugd is de jongeman als hulpbehoevenden blij worden van de bijstand die ze krijgen van vrijwilligers. „Die waarderende blikken in de ogen van mensen vind ik zo gaaf.”

Op dit moment staat het vrijwilligerswerk op een laag pitje, maar als Jochem weer meer tijd heeft, hoopt hij anderen weer te gaan helpen. „Het maakt mij dan niet uit of ik een muur verf of een rondje ga lopen met een oudere. Ik vind het allebei mooi.”

Terug naar nieuwsoverzicht binnenland