Scholieren in discussie over abortus

Puntuit   05 dec. 2017 | tekst Chris Klaasse, beeld RD, Anton Dommerholt
kuipers

„Ik zou voor abortus kiezen”, geeft een leerlinge aarzelend toe. „Nee, dat zou ik niet kunnen. Ik zou toch het gevoel hebben dat ik iemand vermoord”, reageert haar klasgenoot. De leerlingen van De Meerwaarde in Barneveld krijgen voorlichting van Jentine Kuipers (48). Zij werkt bij Siriz als preventiemedewerker.

De zon staat nog maar net boven de horizon als de lessen op de protestants-christelijke vmbo-school beginnen. Een van de jongens in de vierdejaarsklas zorg en welzijn rekt zich nog eens lekker uit. Zijn buurvrouw kan een geeuw niet onderdrukken.

„Ik snap dat het vroeg is, maar laten we er een mooie les van maken. Jullie weten vast wel iets over een onbedoelde zwangerschap”, maant Jentine Kuipers de klas tot meer activiteit. Op het witte bord maakt ze met groene stift een woordweb over tienermoeders. Financiële problemen, abortus en verkrachting, maar ook school en studie zijn enkele woorden in het web.

Kuipers geeft sinds 2007 voorlichtingen. Toen nog voor de VBOK. Nadat Siriz uit die organisatie voortkwam, heeft Kuipers zich ingezet voor het werk van die stichting. „Ik heb een hbo-opleiding op het gebied van voorlichting gedaan. Daarna heb ik tien jaar in Indonesië gewoond. In dat land zag ik veel van de problematiek rond onbedoelde zwangerschappen. Terug in Nederland kwam de vacature van de VBOK me onder ogen. Na mijn ervaringen in Indonesië wist ik hoe belangrijk het is om met jongeren over seksualiteit en zwangerschap te praten. Daar wilde ik graag aan bijdragen.”

Grote slagroomtaart

Het is tijd voor het spel ”Stel je ’s voor”. Leerlingen gaan in groepjes van vier zitten. Om beurten pakken ze een kaart. Daar staat een stelling of vraag op waar de speler op moet reageren.

„Je spreekt pas van leven na drie maanden zwangerschap”, leest een meisje voor. „In de buik is het nog geen kind”, reageert een jongen. „Leeft het dan ook niet?” vraagt voorlichter Kuipers die bij het groepje leerlingen komt staan. „Nou, ja. Nog niet echt”, antwoordt de jongen. Zijn klasgenoot is het daar niet mee eens.

Behalve vragen van biologische aard, zijn er vragen over weerbaarheid en het aangeven van je grenzen: „Je kunt 100 euro verdienen door met iemand naar bed te gaan. Doe je dat?” staat er op een van de kaartjes.

Na een kwartier zijn de spellen opgeborgen en bespreekt Kuipers enkele kaartjes klassikaal. „Hoe zou je familie reageren als je onbedoeld zwanger bent?” leest Kuipers voor. „Ik had het er laatst met mijn ouders over. Van mijn vader hoef ik dan de eerste dagen niet thuis te komen”, vertelt een meisje. Het meisje dat naast haar zit, reageert: „Echt? Mijn moeder zei dat ze een grote slagroomtaart zou halen om het te vieren.”

De klas is inmiddels goed wakker. Leerlingen reageren op elkaar, stellen vragen en wisselen anekdotes uit. „Dat vind ik mooi. Ik val er dan buiten”, merkt Kuipers naderhand op. „Het gaat erom dat ze gaan nadenken over onderwerpen rond het ongeboren leven. Veel jongeren doen dat uit zichzelf niet.”

De onderwerpen die tijdens de voorlichtingsbijeenkomsten besproken worden, zijn voor een enkeling soms te heftig. „Laatst ging een meisje het lokaal uit toen we spraken over een verkrachting. Later hoorde ik dat zij zelf slachtoffer van verkrachting was. Als preventiemedewerker moet je je realiseren dat je tijdens de voorlichtingsles emoties kunt raken. Het onderwerp komt soms heel dichtbij. Het is belangrijk om daar zorgvuldig mee om te gaan.”

Aftastende vragen

Het komt voor dat er tijdens de voorlichtingsles een meisje in de klas zit dat abortus heeft laten plegen. Kuipers: „Dan heb je de ervaringsverhalen in de klas zitten, heel bijzonder. Gelukkig gebeurt het niet heel vaak, maar een tijdje terug had ik het nog op een mbo-school. Ik vroeg de studenten of ze in hun omgeving weleens met abortus te maken hadden gehad. Een van hen antwoordde dat ze haar zwangerschap onlangs had afgebroken.

Hoe moet je dan reageren als preventiemedewerker? Ik wist niet of ze er meer over wilde vertellen en of de klas er wel van op de hoogte was. Na wat aftastende vragen bleek dat ze haar verhaal wel wilde doen. Kort nadat ze haar eerste kind had gekregen, raakte ze opnieuw in verwachting. Ze wist echt niet hoe ze voor dat kind moest zorgen, dus liet het aborteren. Dat verhaal maakte veel indruk.”

Bij iedere voorlichtingsles moet een docent aanwezig zijn. „Zij kennen de klas en weten wat de thuissituatie van de leerlingen is. Soms krijg ik vooraf te horen dat ik een bepaalde leerling bijvoorbeeld vanwege persoonlijke omstandigheden maar beter geen vragen kan stellen. De docent is ook onmisbaar in het voorbeeld van het meisje dat de klas uitliep toen het over een verkrachting ging. Hij liep mee met haar mee de gang op, om haar te vangen. Dat kan ik niet doen. Ik moet focussen op de voorlichting. Wat ik wel kan doen is hulp van onze maatschappelijk werkers inroepen, als de leerling of school dat vraagt.”

Niet alleen leerlingen, ook docenten kunnen kampen met persoonlijke problemen. „Vrij recent nog vertelde een docente mij over haar tienerdochter die ook gekozen had voor een abortus. Ze vertelde vol emotie dat het lastig was om tot die keuze te komen. Zo iemand help je door interesse te tonen en een luisterend oor te bieden.”

In de klas in Barneveld dimt de docent van dienst via zijn tablet de lichten. De leerlingen krijgen een filmpje te zien. Het gaat over twee tienermoeders. Zij vertellen over hun zwangerschap en het daaropvolgende moederschap. Een van hen licht haar keuze om de zwangerschap uit te dragen toe: „Eerst wilde ik het laten weghalen. Ik moest mijn school afmaken en mijn vriend en ik waren er nog niet klaar voor. Uiteindelijk heb ik toch besloten het te houden. Het is tenslotte gewoon een klein kind dat in je buik zit.”

De vrouwelijke leerlingen turen aandachtig naar het scherm, de jongens lachen wat ongemakkelijk. Als de video is afgelopen, vraagt Kuipers: „Wat zouden jullie doen als je een van die meisjes was?” „Ik zou het weg laten halen”, reageert een jongen direct. „Wat bedoel je precies met het woordje ”het”?” reageert Kuipers. „Ja, gewoon, de klomp cellen.”

Een blond meisje op de voorste rij zou nooit abortus plegen, zegt ze. „Ik zou toch het idee hebben dat ik iemand vermoord.” Kuipers, zelf christen, hoort dit soort opmerkingen regelmatig in de klas. „Het is de uitdaging om dan door te vragen. Je wilt jongeren zelf laten ontdekken hoe ingewikkeld de keuze over een onbedoelde zwangerschap is. Niet iedereen beseft dat een zwangerschap op jonge leeftijd veel impact heeft. Ik wil graag dat jongeren ontdekken hoe ze ervoor kunnen zorgen dat ze niet in die situatie terecht komen. Daar doe ik het voor.”

Soms wordt de hulp van Siriz’ preventiemedewerkers acuut ingeroepen. „Een school belde eens op met de vraag of we aan een klas voorlichting konden geven. In die groep was een meisje zwanger en haar medeleerlingen gingen dat romantiseren. Ze vonden het schattig en wilden bijna zelf ook zwanger worden. De school signaleerde dat en riep onze hulp in.”

Geen antwoorden

Tijdens de voorlichtingsles gaat het Kuipers erom dat leerlingen over de waarde van elk leven, dus ook het ongeboren leven, gaan nadenken. „Mijn werk bestaat in de kern uit vragen stellen, niet uit antwoorden geven. In Nederland is abortus een keuze. Ik zie het niet als een oplossing, maar ik geef jongeren de ruimte om zich een mening te vormen. Ik zal hun standpunt niet veroordelen. Op veel scholen zou dat ook niet gewaardeerd worden.”

De helft van de voorlichtingslessen die Siriz geeft, is op openbare scholen. „We staan echt met onze voeten in de modder. Dat maakt het werk zo bijzonder”, vindt Kuipers.

Op de meeste scholen merkt Kuipers dat leerlingen steeds vaker hun standpunt durven te delen. „Ook op openbare scholen hoor ik van steeds meer leerlingen dat ze tegen abortus zijn.” Of dat ook betekent dat er een toename is van het aantal jongeren dat tegen abortus is, durft Kuipers niet te zeggen. „Het laat in ieder geval zien dat je daar niet religieus voor hoeft te zijn.”

Ter afsluiting van de voorlichting gaat de klas een video kijken over de ontwikkeling en geboorte van een jongetje, Siem. Animaties laten zien dat na drie weken zwangerschap er al een hartje klopt. Vertederd kijken de leerlingen naar het jongetje dat in de baarmoeder op zijn duim sabbelt. Een meisje kan het zelfs niet drooghouden bij de beelden van de bevalling. Zonder op te vallen pakt ze haar zakdoek en neemt een traan in haar ooghoek weg.

Het is vijf voor elf. De tachtig minuten durende les is bijna voorbij. Kuipers deelt Sirizpennen uit aan de leerlingen. „Op de pen staat een link waarmee jullie een internetenquête kunnen invullen”, legt Kuipers uit. De vragen gaan over de voorlichting. Zo weet Siriz wat de leerlingen van de les vonden.

„Regelmatig hoor ik dat leerlingen door de lessen anders over het ongeboren leven en abortus gaan denken. Dat is natuurlijk leuk om te horen. Daardoor gaat het dalende aantal tienerzwangerschappen hopelijk nog verder naar beneden.”

Helft voorlichtingen op openbare scholen

Siriz kwam in 2010 voort uit de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Kind, de VBOK. Die vereniging is doorgegaan als een ledenorganisatie die opkomt voor de rechten van het ongeboren kind. Siriz heeft zich gespecialiseerd in onbedoelde zwangerschappen.

Siriz wil een bijdrage leveren aan het terugdringen van het aantal onbedoelde zwangerschappen en abortussen in Nederland. Dat doet ze door voorlichtingslessen te geven aan jongeren in de leeftijd van 11 tot en met 25 jaar. In die lessen wordt geprobeerd jongeren bewust en weerbaar te maken op het gebied van seksualiteit en hun te vertellen over het ontstaan en de waarde van leven. Siriz heeft 5 vaste preventiemedewerkers die samen met een groep van 21 opgeleide vrijwilligers de lessen geven.

In 2016 werden er 963 voorlichtingslessen gegeven door medewerkers van Siriz. Die komen op alle soorten middelbare scholen: 45 procent van de scholen is openbaar, 27 procent protestants-christelijk, 14 procent rooms-katholiek en 14 procent reformatorisch.

Ruim 60 procent van alle voorlichtingslessen wordt gegeven aan vmbo-leerlingen en klassen voor praktijkonderwijs. Volgens preventiemedewerker Jentine Kuipers van Siriz blijkt uit onderzoek dat leerlingen uit deze klassen tot een risicogroep voor een onbedoelde zwangerschap horen.

Scholen zijn sinds 2012 verplicht om aandacht te besteden aan seksualiteit en diversiteit. Een aantal scholen besteedt dat helemaal uit aan Siriz. Zij geven dan gastlessen bij vakken zoals godsdienst, maatschappijleer, biologie of burgerschap.

Siriz richt zich vooral op preventie, maar heeft ook veertien hulpposten door het hele land voor vrouwen die onbedoeld zwanger zijn.

Terug naar nieuwsoverzicht binnenland