Verbonden blijven met de kerk in coronatijd

„Het heeft sommige jongeren tot nadenken gezet”

ANP-320094186

Mondjesmaat komt het kerkelijk leven weer op gang. Wat deden jongeren de afgelopen maanden om betrokken te blijven bij hun gemeente? En hoe zat dat omgekeerd? Drie jongeren en een predikant over contact houden in coronatijd.

Camilo van Kleef (22) woont in Staphorst en gaat naar de hersteld hervormde gemeente in zijn woonplaats. Hij voelt zich in coronatijd nog steeds nauw verbonden met de gemeente. „De dominee stuurde een videoboodschap naar alle jongeren van de kerk. En ondanks dat ik geen lid ben, kreeg ik hem ook toegestuurd. Daardoor voel ik me gezien. In de video werd gevraagd om ook aan de ouderen te denken. Niet alleen aan je eigen opa en oma, maar ook aan mensen uit de buurt. „Stuur hun eens een kaartje”, was de oproep van de dominee. En de jongeren geven hier ook gehoor aan”, vertelt Camilo.

De Staphorster neemt zelf ook het initiatief om betrokken te blijven bij de kerk. Hij pleegde een telefoontje naar de predikant, stuurde Facebookberichten naar gemeenteleden en richtte een WhatsAppgroep op. „In deze groep zitten allerlei jongeren van verschillende kerken uit het hele land. Het idee is om elkaar te steunen. Velen voelen zich alleen. In deze groep kun je alles delen. Je talenten, bijvoorbeeld een schilderij dat je gemaakt hebt, je vragen of je zorgen. Er was van iemand een opa overleden, we hebben toen met elkaar een kaartje gestuurd.”

Brief predikant

In Dirksland woont Corianne Jelier (24), lid van de gereformeerde gemeente. In deze tijd probeert ze zich in te zetten voor de kerk. „Vanuit de kerkelijke thuishulp vroegen ze vrijwilligers. Ik doe nu zo af en toe boodschappen voor een mevrouw.” Vanuit de Dirkslandse gemeente kwamen de afgelopen maanden allerlei initiatieven om leden betrokken te houden. Op woensdagmiddag wordt er een meditatie voor de ouderen voorgelezen en op vrijdagavond is er orgelspel te beluisteren via de kerktelefoon. „Elke zaterdag ontvangen we een brief van de dominee in de mail. In een gedeelte van de brief richt de predikant zich apart tot kinderen, de jeugd, de ouderen. En pas schreef hij ook een stukje voor de mensen die in de zorg werken. Ik vind
het mooi dat de dominee elke week een brief schrijft. Je ziet weinig andere gemeenteleden, maar deze mail zorgt toch voor een beetje saamhorigheidsgevoel.” Een huisbezoek van de wijkouderling zit er
in deze tijd niet in. „Onze wijkouderling heeft ons twee keer gebeld. Hij vraagt steeds hoe het met iedereen gaat. Je merkt aan alles dat de dominee en de kerken-
raad door hun betrokkenheid ervoor
zorgen dat we één gemeente zijn.”

Bijbelstudie

„School viel weg, de jeugdvereniging ging niet meer door en in het begin sprak je niet zomaar met vrienden af. Je spreekt dus met heel weinig mensen”, vertelt Liselotte Verhage (15). „Er is daarom een Bijbelstudiegroepje ontstaan vanuit de jv. Een leidinggevende, zes anderen en ik hebben het opgestart. Meestal zijn we met acht mensen. Van tevoren krijgen we een Bijbelgedeelte toegestuurd met wat vragen. Die bespreken we dan via Skype.” Liselotte is lid van de gereformeerde gemeente in haar woonplaats ’s-Gravenpolder. „Afgelopen week kregen de jongeren een kaart van de jeugdcommissie van de kerk. Er stonden Bijbelteksten op om ons te bemoedigen. Dat gebaar vind ik heel mooi. Je merkt dat de kerk aan je denkt.” Wat Liselotte betreft doet haar kerk het prima om in contact te blijven met gemeenteleden en hoeft het niet anders. „Ik ben ook blij dat de kerk beeld heeft geregeld bij de kerkdiensten, dat luistert toch fijner dan wanneer je de dominee alleen zou horen.”

Videoboodschap

Ds. Van Marle, predikant van de hersteld hervormde gemeente in Staphorst, probeert betrokken te zijn bij zijn gemeenteleden. „Hiervoor heb ik in kleinere gemeenten gestaan en dan is het wel iets makkelijker om contact te houden.”

Normaal gesproken is de Staphorster kerk tijdens diensten met zo’n 2300 mensen gevuld. Nu zijn er maar enkele gemeenteleden aanwezig. „Om jongeren te laten weten dat ze niet vergeten worden, heb ik een videoboodschap voor hen opgenomen en verstuurd. In deze video vroeg ik hoe het met hen gaat en wat deze tijd met hen doet.”

In de video, die een kwartier duurt, spreekt de predikant jongeren direct aan. Hij doet een oproep om naar anderen mensen om te zien en je vrije tijd nuttig in te vullen. „Ik heb meer reacties gekregen dan ooit: mailtjes, kaarten en brieven. Je merkt aan de jongeren dat ze de kerk missen. Niet zo lang geleden hield de kerk een bloemenactie en jongeren brachten die rond. Een paar zeiden: „Eindelijk kunnen we iets doen voor de kerk, mensen ontmoeten en spreken.” Ze missen het contact.”

De predikant heeft plannen om het persoonlijke contact weer mogelijk te maken. „Ik wil een ontmoeting op het kerkplein organiseren. Dat idee staat in de steigers, maar ik weet nog niet precies hoe het eruit gaat zien. In ieder geval even een kort moment van contact met elkaar.” Ondanks alles kijkt ds. Van Marle ook met dankbaarheid terug op de afgelopen periode. „Ik heb gemerkt dat sommige jongeren dieper zijn gaan nadenken over het leven, de zin van het leven, maar ook over de noodzaak van persoonlijke bekering. Met een aantal van hen heb ik daar gesprekken over gevoerd. Het heeft sommige jongeren tot nadenken gezet.”