„God is de enige die ons kan helpen”

Nieuws   26 mrt. 2020 | tekst Nienke Colijn, beeld RD
mirjam gedicht

Als puber schreef ze vaker gedichten, maar nu Mirjam van der Wart (26) moeder is van drie kinderen schiet dat er weleens bij in. „Nu dacht ik: hier moet ik iets mee. Deze dingen gebeuren niet voor niets.”

Mirjam heeft het gevoel dat het corona-virus een oordeel en een genadige roepstem van de Heere is. „Hij zegt tegen ons: ‘Wend u naar mij toe en wordt behouden.’ Je ziet de dingen die in de ‘Openbaringen aan Johannes´ geschreven staan nu steeds sterker naar voren komen. Oorlogen, onrust in de wereld en deze pandemie. We moeten ons verootmoedigen voor de Heere. Hij is de enige die ons kan helpen.” Mirjam vindt het belangrijk dat die boodschap verwerkt zit in haar gedicht.

 

Koning van Hemel en Aarde,

U die in Uw Goddelijke troonzaal woont.

U die hoog boven ons troont,

Verschoon nog, Geef genade!

 

U die ons schiep naar Uw beeld,

U weet en ziet, Alles wat er speelt.

U gaf de mens in het paradijs,

Alles wat hij nodig had, Goed en wijs.

 

Maar wij mensen vielen zo boos,

Dat doen wij Heere, Nog iedere dag.

Het baart ons zorgen, Maakt ons broos,

T ’Geeft verdriet, Honger… griep?

 

Zien wij daarin nog Uw hand?

U die doet veelvuldig beven,

Vele huizen, Menig land.

O God; Wil ons toch vergeven!

 

Ja, Wie God verlaat,

Heeft smart op smart te vrezen.

Laat ons dan allen waarachtig vrezen:

Die volmaakte God, Het Opperwezen!

 

Val Hem dan te voet,

Geef Hem ootmoedig eer!

Zoek genezing voor uw hart;

Die kwaal is toch uw grootste smart?!

 

U, O God, Bent zo rechtvaardig,

Wat U doet, Is altijd goed.

O wonder, Bent U oók genadig,

U gaf Uw Zoon, Zijn kostbaar bloed!

 

Wast U ons dan in dat reinigend bloed,

Doe ons buigen in het stof

Heere, Dan gaat het toch immers altijd goed?

Zelfs als ziekte en de aardse dood ons trof!

 

Na die dood wacht een eeuwig leven,

Nooit meer zorgen, Pijn, Geen griep

Dan zullen de zonden eindelijk sneven;

Aan U alle eer, Voor eeuwig dank en lof!

Terug naar Coronagedichten