Lange verkeringstijd maakt wachten moeilijk (met flyer)

inlove

Wachten met seks tot je getrouwd bent is een nastrevenswaardig ideaal. "Maar in de praktijk is dat lastig", menen vier meiden van het Van Lodenstein College in Kesteren. "Vijfennegentig procent doet het toch."

De toon voor het gesprek is gezet. Volgens de meiden gaat de overgrote meerderheid van hun medescholieren voor het huwelijk met hun vriend of vriendin naar bed. Daarmee praten de 5-havoleerlingen dat gedrag niet goed. Het is voor hen geen discussiepunt dat God seksualiteit voor het huwelijk heeft verboden. En zelf willen ze ook wachten. Maar tussen theorie en praktijk gaapt een gat. „Onze wereld ziet er totaal anders uit dan die in de tijd van de Bijbel”, begint er één. „Izak en Rebekka zagen elkaar, deden het, en waren getrouwd. Zo makkelijk ging dat.”

"Ik ben vastbesloten om te wachten tot ik getrouwd ben"

Anno 2018 hebben jongeren vaak jarenlang verkering. Vijf jaar is geen uitzondering. Soms duurt het nog langer. Want het schooltraject neemt jaren in beslag. En eenmaal aan het werk wil het stel nog even samen sparen voor een bruiloft en een woning. Ondertussen groeien ze, ook lichamelijk, naar elkaar toe. Dat is de situatie die de vier meiden schetsen.

Een van hen kreeg als 14-jarige een relatie. Inmiddels is ze twee jaar verder. „Ik merk dat mijn vriend en ik in die tijd naar elkaar zijn toegegroeid. Ik ben vastbesloten om te wachten tot ik getrouwd ben. Want ook buiten Bijbelse redenen om kan ik een lang essay schrijven over waarom het goed is om seks voor het huwelijk te bewaren. Het is het intiemste wat je kunt doen. Dat deel je niet zomaar.”

"Als je wacht, heb je iets om naar uit te kijken"

„En als je wacht, heb je iets om naar uit te kijken”, vindt haar jaargenoot, die sinds een halfjaar een vriend heeft. „Stel dat je drie keer een relatie hebt en drie keer seks heb met ‘de ware’. Daar zou ik niet aan moeten denken.” Haar tafelgenoten zijn het met haar eens. Gruwen bij de gedachte alleen.

„Maar als je bent verloofd, een huisje hebt en de trouwdatum vaststaat?” vraagt een van de scholieren zich af. „Dan weet je toch wel zeker dat hij de ware is.” „Voor het mooie zou ik dan alsnog willen wachten”, meent er een. „Ik zie er dan niet zo veel kwaad in”, antwoordt een ander. „Er zijn zo veel mensen die ruzie met elkaar maken terwijl ze getrouwd zijn. ’s Avonds doen ze dan aan goedmaakseks. Tegelijkertijd ken ik jongens en meiden die niet getrouwd zijn en een veel betere relatie hebben. Als zij met elkaar naar bed zouden gaan, zou het in zekere zin beter zijn dan hoe het getrouwde stel het doet. Als je aan elkaar merkt dat je een lange verkering zonder seks echt niet volhoudt, dan…”

„Dan moet je trouwen!” onderbreekt de enige die tot nu toe wat op de achtergrond bleef. „Je maagdelijkheid kun je maar één keer weggeven. Dat is zoiets intiems, dat kun je écht alleen in het huwelijk doen. Ik ben blij dat ik nog vrijgezel ben, maar als ik een relatie krijg, zal ik proberen elke lichamelijke toenadering zo lang mogelijk uit te stellen.”

„Jij hebt makkelijk praten”, vinden de meiden met een relatie.

„Dat besef ik. En ik wil niemand veroordelen. Maar ik zou geen „ja” kunnen zeggen op mijn huwelijksbelofte als ik het jaar ervoor de fout ben ingegaan. Dan zou ik eerst in het reine willen komen en schuldbelijdenis doen.”

Het uur erna stormen acht jongens het klaslokaal van godsdienstdocent Jaap de Heer binnen. De Heer geeft les uit de reformatorische lesmethode Be-Loved. Met de 4-havoleerlingen bespreekt hij waarom het goed is om samen met je vriendin een grens te trekken op seksueel gebied. Waar trek je die grens? „Dat bepaal je samen met je vriendin”, vindt er één. „Hoe weet je dan dat je de grens goed trekt?” vraagt de docent. Een andere jongen schiet zijn klasgenoot te hulp: „Het moet niet tegen de Bijbelse richtlijnen ingaan.”

De Heer wordt concreter. Op het digibord verschijnt een lijstje handelingen. Een zoen bij het afscheid / Omarmen / Een kus op de mond / Elkaar strelen met kleren aan / Strelen zonder kleren / Oraal bevredigen / Vaginale seks. „Hoe ver wil je gaan?” vraagt De Heer aan de jongens. „U bedoelt vast, hoe ver kún je gaan?” verbetert een ander hem. „Ik denk tot omarmen”, antwoordt er één spontaan. „Mwahhh, wel iets verder”, denkt een klasgenoot. „Vinden jullie geslachtsgemeenschap voor het huwelijk te ver gaan?” wil De Heer weten. De jongens knikken. Of zwijgen.

"Heb je meisje zó lief dat je jouw seksuele verlangens ondergeschikt maakt aan haar geluk"

De Heer sluit af met een positieve boodschap. „Heb je meisje zó lief dat je jouw seksuele verlangens ondergeschikt maakt aan haar geluk. Bescherm haar door samen een grens te trekken. Dan verdien je haar respect. Kies, tegen de stroom van de wereld in, voor liefde, trouw en veiligheid. Dan kun je de zegen van God verwachten en elkaars geluk bevorderen.”

De bel gaat. In een oogwenk zijn de jongens verdwenen. De Heer kijkt hen na. Hopend dat de Bijbelse boodschap landt.


Dit is deel 3 van een vierdelige serie over relaties, liefde en seksualiteit, in samenwerking met het Hoornbeeck College in Amersfoort.

Klik hier voor de flyer ”Rein het huwelijk in” die het Hoornbeeck College deze week onder de studenten uitdeelt.


Deze special is onderdeel van het Thema Dossier "Themadossier: Huwelijk en trouwen"

Bekijk het dossier