Menens: Waarom antwoordt God niet?

Nieuws   29 nov. 2017 | tekst ds. A. van der Zwan, beeld Unsplash
bidden

Ik heb veel zorgen en leg die alle­maal voor de Heere neer. Maar mijn problemen zijn nog steeds niet voorbij, terwijl het bij anderen allemaal goed lijkt te gaan. Dat snap ik niet.

Je vraag gaat eigenlijk over twee problemen die je ervaart. Enerzijds lijkt het alsof God je gebeden niet verhoort, hoewel je al je zorgen bij Hem neerlegt. Anderzijds worstel je met de vraag hoe het komt dat het anderen –ook al vragen ze helemaal niet naar de Heere– zo voor de wind gaat. 

Ik denk dat dat twee zaken zijn waar veel meer mensen mee zitten. Dat te weten is echter op zich een schrale troost. Veel troostvoller is het als je erachter komt dat ook in de Bijbel mensen hiermee worstelen. En behalve dat Gods Woord deze vragen eerlijk benoemt, geeft de Schrift er ook een antwoord op.

Ik denk om te beginnen aan Asaf, de man die we als dichter van verschillende psalmen kennen. De vragen rondom de aanvechting van de gelovigen en de onbegrijpelijke voorspoed van de goddelozen heeft hij zich zo nadrukkelijk gesteld dat men het zelfs het ”Asafsprobleem” is gaan noemen.

In Psalm 73 komt dit misschien wel het duidelijkst naar voren. Daar wordt ook een (ik zeg niet hét) antwoord gegeven. Wanneer Asaf met zijn vragen „in het heiligdom” gaat en ze voor Gods aangezicht brengt, valt er enig licht over zijn probleem. Hij wordt op het einde van ieders mensenleven gewezen. En als de tijd overgaat in de eeuwigheid blijken de dingen er heel anders voor te staan dan dat het in dit leven heeft geleken. Tijdelijke voorspoed van goddelozen gaat over in eeuwige rampzaligheid, terwijl Asaf mag weten: „Bezwijkt mijn vlees en mijn hart, zo is God de Rotssteen mijns harten en mijn Deel in eeuwigheid” (Ps. 73:26).

En dat probleem rond de verhoring van onze gebeden? Daarbij moet ik denken aan Paulus. Een mens die gekweld werd door een satanische aanvechting, die als een doorn in zijn vlees prikt en hem zelfs belemmert in de dienst aan de Heere. Driemaal vraagt hij ervan verlost te worden. Maar de doorn blijft zitten. Niet zonder dat de Heere antwoord geeft, trouwens. Maar een ander antwoord dan Paulus aanvankelijk verwacht had… „Mijn genade is u genoeg” (2 Kor. 12:9). Ik hoop dat ook jij al biddend met dat antwoord tevreden mag leren worden. En dat je antwoord vervolgens mag zijn: „Uw genade is mij genoeg!”

Heb je ook een vraag over geloof? Mail naar info@puntuit.nl of app naar 06-57357435.

Terug naar Uitgelicht: Menens, antwoord op jouw vragen